Wat is galweg- & galblaaskanker?
Galweg- & galblaaskanker is een zeldzame vorm van kanker die ontstaat in de cellen van de galwegen, de galblaas of de ampul van Vater.
Wat zijn de galwegen?
De galwegen zijn een reeks buisvormige structuren in het menselijk lichaam die gal van de lever naar de dunne darm transporteren. De galwegen beginnen als kleine buisjes in de lever, die intrahepatische galwegen worden genoemd. Deze buisjes komen samen in de levergang, die vervolgens samen met de galblaas de galgang vormt. De grotere galwegen die zich buiten de lever bevinden worden de extrahepatische galwegen genoemd. Vanuit de gemeenschappelijke galbuis stroomt de gal naar de twaalfvingerige darm, waar het helpt vetten te verteren.
De galblaas is een peervormig orgaan dat zich onder de lever bevindt in de bovenbuik. In de galblaas wordt galvloeistof (meestal gewoon gal genoemd) opgevangen en opgeslagen. Gal bevordert de vertering en opname van vetten en zorgt ook voor een goede werking van de darm.
De ampul van Vater is de plaats waar de afvoerbuis van de galgang en deze van de alvleesklier uitmonden in de twaalfvingerige darm.
Soorten galweg- & galblaaskanker
1. Galwegkanker
Galwegkanker ontstaat uit de kleinere galwegen in de lever of uit de grotere galwegen die buiten de lever naar de dunne darm lopen. Er zijn verschillende soorten galwegkanker, afhankelijk van waar in de galwegen de kanker zich ontwikkelt.
De types galwegkanker
Intrahepatisch cholangiocarcinoom: Dit is een zeldzame vorm van cholangiocarcinoom waarbij de tumor ontstaat in de kleine kanalen in de lever. Intrahepatisch cholangiocarcinoom wordt vaak niet in een vroeg stadium ontdekt door het gebrek aan vroege symptomen.
Extrahepatisch cholangiocarcinoom: Dit is de meest voorkomende vorm van cholangiocarcinoom waarbij de tumor buiten de lever in de galwegen ontstaat. De tumor ontwikkelt zich in de gemeenschappelijke galbuis, het deel van de galwegen dat gal van de lever naar de twaalfvingerige darm transporteert. Er bestaan twee subtypes van extrahepatisch cholangiocarcinoom: distaal extrahepatisch cholangiocarcinoom, waarbij de galwegkanker zich op grotere afstand van de lever in de hoofdgalbuis lokaliseert en perihilair extrahepatisch cholangiocarcinoom (ook wel Klatskin-tumor genoemd), waarbij de galwegkanker dicht bij de lever ligt.
2. Galblaaskanker
Galblaaskanker onstaat in het binnenste slijmvlies van de galblaas en breidt zich tijdens de groei uit naar de buitenste weefsellagen.
3. Carcinoom (kanker) van de ampul van Vater
De ampul van Vater is een zeldzame tumor die zich ontwikkelt in de ampul van Vater, waar de galwegen van de lever en de alvleeskliergang samenkomen en de twaalfvingerige darm ingaan.
Referenties:
Alles over kanker. Galwegkanker. Beschikbaar op: https://www.allesoverkanker.be/galwegkanker/wat-is-galwegkanker
ESMO Patient Guides. Biliary Tract Cancer. Beschikbaar op: https://www.esmo.org/for-patients/patient-guides/biliary-tract-cancer
Review. Biliary Tract Cancer. Lancet.2021 Jan 30;397(10272):428-444. doi: 10.1016/S0140-6736(21)00153-7.
Oorzaken en risicofactoren
Galweg- & galblaaskanker veroorzaakt in een vroeg stadium meestal geen duidelijke symptomen. De meeste symptomen hebben te maken met een afsluiting van de galwegen door bijvoorbeeld druk van de tumor en treden vaak in een later stadium op.
Leeftijd
Galwegkanker komt vaker voor bij oudere mensen, vooral boven de 60-65 jaar.
Primaire scleroserende cholangitis & primaire biliaire cholangitis
Primaire scleroserende cholangitis (PSC) en primaire biliaire cholangitis (PBC) zijn beide chronische aandoeningen waarbij de galwegen ontsteken en met littekens bedekt raken (fibrose), wat kan leiden tot vernauwing van de galwegen en een verhoogd risico op galwegkanker.
Hoewel deze aandoeningen gemeenschappelijke klinische kenmerken vertonen, wordt PSC gekenmerkt door beschadiging van extrahepatische en middelgrote tot grote intrahepatische galwegen, terwijl PBC vooral gericht is op kleine intrahepatische galwegen. Na verloop van tijd kunnen de ontsteking en littekenvorming leiden tot obstructie van de galwegen, een verminderde galstroom en uiteindelijk leverschade.
De precieze oorzaak van zowel PSC als PBC is onbekend. Beide aandoeningen worden beschouwd als een auto-immuunziekte, waarbij het immuunsysteem ten onrechte de galwegen aanvalt en beschadigt. PSC wordt vaak in verband gebracht met andere auto-immuunziekten, zoals inflammatoire darmziekten (IBD). PSC komt vaker voor bij mannen, en meestal op middelbare leeftijd, hoewel het op elke leeftijd kan voorkomen. PBC treft vooral vrouwen, hoewel het bij beide geslachten voorkomt. Onderzoekers denken dat een combinatie van genetische en omgevingsfactoren de ziekte veroorzaakt.
Patiënten met PSC of PBC zijn vaak asymptomatisch. Indien er symptomen optreden kunnen deze variëren:

VERMOEIDHEID

GEELZUCHT
(gele verkleuring van de huid en ogen)

JEUK

BUIKPIJN OF ONGEMAK

RILLINGEN EN KOORTS
(bij infecties)

GEWICHTSVERLIES

VERGROTE LEVER OF MILT

VERHOOGD LEVERENZYMGEHALTE BIJ BLOEDONDERZOEK
Op dit moment is er geen behandeling voor PSC en PBC, maar medicijnen kunnen de leverschade vertragen, vooral als de behandeling vroeg wordt gestart. De behandelingsopties richten zich op het beheersen van de symptomen, het afremmen van de ziekteprogressie en het aanpakken van complicaties.
Galstenen
Galstenen kunnen de galwegen beschadigen en leiden tot ontsteking en littekenvorming, waardoor het risico op galwegkanker toeneemt. Galstenen bestaan meestal uit cholesterol, bilirubine (een afvalproduct van de afbraak van hemoglobine, hemoglobine zorgt voor het transport van zuurstof en koolstofdioxide in het bloed) en calciumzouten. Ze kunnen variëren in grootte, van zo klein als een zandkorrel tot zo groot als een golfbal. Galstenen kunnen ook in aantal variëren van één steen tot meerdere stenen. Deze kunnen ontstaan wanneer er een onevenwicht is in de samenstelling van de gal, waardoor cholesterol, bilirubine of calciumzouten neerslaan.
Galstenen
Er zijn verschillende risicofactoren voor galsteenvorming:
Galstenen veroorzaken in sommige gevallen geen symptomen en kunnen per toeval worden ontdekt tijdens beeldvormend onderzoek dat om andere redenen wordt uitgevoerd. Wanneer galstenen echter symptomatisch worden, kunnen er verschillende symptomen voorkomen:

WISSELENDE OF CONSTANTE PIJN IN DE RECHTERBOVENBUIK
die kan uitstralen naar de rug of schouder

MISSELIJKHEID EN BRAKEN

INDIGESTIE OF OPGEBLAZEN GEVOEL

GEELZUCHT
(gele verkleuring van de huid en ogen)

KOORTS EN KOUDE RILLINGEN
De geschikte behandeling van galstenen hangt af van de toestand, de symptomen en de algemene gezondheidstoestand van de individuele patiënt en moet in overleg met een gekwalificeerde arts worden vastgesteld.
Choledochale cysten
Choledochale cysten zijn zeer zeldzaam. Dit zijn zakjes die aansluiten op de galwegen en zich vullen met gal. De cellen in de zakjes kunnen abnormaal worden. De ziekte van Caroli is een soortgelijke aandoening als choledochale cysten. Het is een zeer zeldzame aangeboren aandoening. Hierdoor worden de galwegen in de lever wijder. Dit kan het risico op het ontwikkelen van intrahepatische galwegkanker vergroten.
Leverwormen (parasitaire wormen)
Leverwormen zijn parasitaire wormen die de galwegen binnendringen en het risico op galwegkanker vergroten. In België zijn ze meestal geen oorzaak van galwegkanker, maar leverwormen zijn een groot probleem in Azië, waar galwegkanker veel vaker voorkomt. Mensen krijgen leverwormen door het eten van besmet voedsel, zoals rauwe vis.
Blootstelling aan chemicaliën
Blootstelling aan bepaalde chemicaliën, zoals arsenicum en nitrosaminen, kan het risico op galwegkanker verhogen.
Andere risicofactoren
Andere factoren die het risico op kanker van de galwegen kunnen verhogen, maar waar niet voldoende bewijs is om zeker te zijn zijn onder andere levercirrose, een infectie met het hepatitis B- of C-virus, overgewicht of obesitas, diabetes, alcohol drinken, roken en een familiale voorgeschiedenis van galwegkanker.
Referenties:
Alles over kanker. Symptomen van galwegkanker. Beschikbaar op: https://www.allesoverkanker.be/galwegkanker/symptomen-van-galwegkanker
Cancer Research UK. Bile duct cancer. Symptoms. Beschikbaar op: https://www.cancerresearchuk.org/about-cancer/bile-duct-cancer/symptoms
Review. Biliary Tract Cancer. Lancet.2021 Jan 30;397(10272):428-444. doi: 10.1016/S0140-6736(21)00153-7
Symptomen
Galweg- & galblaaskanker veroorzaakt in een vroeg stadium meestal geen duidelijke symptomen. De meeste symptomen hebben te maken met een afsluiting van de galwegen door bijvoorbeeld druk van de tumor en treden vaak in een later stadium op.
Bij galwegkanker zijn de symptomen afhankelijk van de plaats van het gezwel. Bij een letsel in de hoofdgalweg treden geelzucht, donkere urine en bleke stoelgang op, als gevolg van een galwegvernauwing. Als enkel de galwegen in de lever zijn aangetast, zijn de klachten minder duidelijk.
Bij galblaaskanker kunnen de klachten gelijkaardig zijn als die bij galkolieken (pijn of doffe last aan de rechtkant onder de ribben). Die pijn wordt meer uitgesproken een halfuur na het eten en kan heel hevig worden. De pijn kan ook uitstralen naar de rug en de rechterschouder.
Bij kanker ter hoogte van de ampul van Vater kunnen klachten heel gelijkaardig zijn aan deze van extrahepatisch cholangiocarcinoom.
Vaak voorkomende symptomen omvatten:

GELE HUID EN GEEL OOGWIT (GEELZUCHT)
wanneer de gal niet meer kan afgevoerd worden

PIJN IN DE BOVENBUIK
vlak onder de ribben

JEUK OVER HET HELE LICHAAM

JLICHTGEKLEURDE ONTLASTING

DONKERGEKLEURDE URINE

ONVERKLAARBAAR GEWICHTSVERLIES

VERMINDERDE EETLUST

MISSELIJKHEID EN BRAKEN

KOORTS

VERMOEIDHEID
Deze symptomen kunnen veroorzaakt worden door kanker van de galwegen, maar ook door heel wat andere aandoeningen of ziekten. Daarom is het belangrijk om jouw behandelende arts te raadplegen als je vergelijkbare symptomen opmerkt.
Referenties:
Alles over kanker. Symptomen van galwegkanker. Beschikbaar op: https://www.allesoverkanker.be/galwegkanker/symptomen-van-galwegkanker
Cancer Research UK. Bile duct cancer. Symptoms. Beschikbaar op: https://www.cancerresearchuk.org/about-cancer/bile-duct-cancer/symptoms
Review. Biliary Tract Cancer. Lancet.2021 Jan 30;397(10272):428-444. doi: 10.1016/S0140-6736(21)00153-7
Diagnose
De diagnose galweg- & galblaaskanker wordt meestal gebaseerd op de resultaten van een klinisch onderzoek van de buik, medische beeldvorming met behulp van echografie, MRI of CT en een biopsie. Verder onderzoek kan helpen om te bepalen hoe ver de kanker gevorderd is (het "stadium"). Zo worden MRI van de galwegen, een CT-scan van de borstkas en een echografie van de lymfeklieren vaak gebruikt om te zien hoe ver de kanker is uitgezaaid.
Galweg- & galblaaskanker kan bij toeval ontdekt worden, doordat de arts de tumor op een echo of CT-scan ziet, die om een andere reden werd gemaakt. Bij symptomen die mogelijk verzoorzaakt worden door kanker van de galwegen, zal de huisarts vragen naar jouw klachten en jou vervolgens onderzoeken. Als er een afwijking aan de galwegen wordt vermoed en/of de oorzaak van de klachten niet gevonden worden, zal de huisarts jou doorverwijzen naar een internist (een arts gespecialiseerd in inwendige organen), een gastro-enteroloog (een arts gespecialiseerd in het maag-darmstelsel) of een hepatoloog (een arts gespecialiseerd in de lever, galblaas en galwegen).
Bloedonderzoek
Galweg- & galblaaskanker kan verschillende veranderingen in het bloed veroorzaken die met bloedonderzoek kunnen worden opgespoord:
Deze bloedtestresultaten zijn niet doorslaggevend voor de diagnose van kanker van de galwegen en voor een definitieve diagnose kan beeldvormend onderzoek nodig zijn, zoals een computertomografie (CT-scan), magnetische resonantiebeeldvorming (MRI) of endoscopische procedures. Een grondige evaluatie door een gekwalificeerde arts is noodzakelijk voor een juiste diagnose en passende behandeling van galweg- & galblaaskanker.
Beeldvormend onderzoek
Echografie
Echografie maakt gebruik van geluidsgolven met een hoge frequentie om beelden te maken van interne organen en weefsels in het lichaam. De geluidsgolven worden verzonden via een handapparaat, een transducer genaamd, dat op de huid wordt geplaatst en over het te onderzoeken gebied wordt bewogen. Echografie is een veilige en pijnloze beeldvormingstest waarbij geen ioniserende straling wordt gebruikt, waardoor het een nuttig instrument is voor het diagnosticeren en controleren van uiteenlopende medische aandoeningen. Op een echografie zijn de galblaas, de lever en de galwegen duidelijk te zien. Bij galwegkanker worden meestal verwijde galkanalen gezien als gevolg van de tumor.
De procedure van een echografie bestaat uit de volgende stappen:
CT- en MRI-scan
CT-scans (computertomografie) en MRI-scans (magnetische resonantiebeeldvorming) zijn beide beeldvormingstests die gedetailleerde beelden van de binnenkant van het lichaam produceren, maar ze gebruiken daarvoor verschillende technologieën.
In het algemeen zijn CT-scans sneller dan MRI-scans: het hele onderzoek duurt meestal maar een paar minuten. MRI-scans daarentegen kunnen 30 minuten, een uur of langer duren. Voor zowel CT- als MRI-scans kunnen contrastmiddelen gebruikt worden, stoffen die in het lichaam worden geïnjecteerd om bepaalde weefsels of structuren beter zichtbaar te maken. De contrastmiddelen die bij CT- en MRI-scans worden gebruikt zijn echter verschillend, en sommige patiënten kunnen allergisch reageren op het ene type contrastmiddel, maar niet op het andere.
Kortom, zowel CT- als MRI-scans hebben hun sterke en zwakke punten, en de keuze van de beeldvormende test hangt af van de medische toestand, het soort weefsel dat in beeld wordt gebracht, en andere factoren zoals blootstelling aan straling en kosten. Een zorgverlener kan helpen bepalen welke beeldvorming het meest geschikt is.
Cholangiografie
Cholangiografie is een radiologisch onderzoek van de galwegen. Dit onderzoek kan nuttig zijn bij de diagnose van kanker van de galwegen, omdat het de galwegen zichtbaar maakt en kankergezwellen of andere afwijkingen kan helpen opsporen.
Er zijn verschillende soorten cholangiografieën: MRCP, ERCP en PTC.
Magnetische resonantie cholangiopancreatografie (MRCP) is een niet-invasieve beeldvormende test die gebruik maakt van magnetische resonantie beeldvorming (MRI) om gedetailleerde beelden te maken van de galwegen en de omliggende weefsels. Het is eigenlijk een subtype van een MRI-scan waardoor men de nodige zaken (o.a. galwegen) beter kan zien. De procedure van MRCP bij kanker van de galwegen omvat de volgende stappen:
Endoscopische retrograde cholangiopancreatografie (ERCP) is een invasieve test waarbij een dunne, flexibele buis met een camera en licht aan het uiteinde, een zogenaamde endoscoop, door de mond in de dunne darm wordt ingebracht. Vervolgens wordt via de endoscoop een kleurstof in de galwegen geïnjecteerd, waardoor de kanalen op röntgenfoto's zichtbaar worden.
De procedure van ERCP bij kanker van de galwegen omvat gewoonlijk de volgende stappen:
Als er tijdens de ERCP afwijkingen worden gevonden, kan er een biopsie worden genomen met behulp van een klein instrument dat door de endoscoop wordt geleid. Er kunnen ook therapeutische procedures worden uitgevoerd, zoals het verwijderen van een galwegsteen of het plaatsen van een stent om de galweg open te houden.
ERCP wordt meestal op de polikliniek uitgevoerd. Dit wil zeggen dat je meestal nog dezelfde dag naar huis kan gaan. Zoals bij elke medische procedure zijn er echter enkele risico's verbonden aan ERCP, zoals een bloeding, infectie of perforatie van de galwegen.
Bij percutane transhepatische cholangiografie (PTC) wordt met behulp van een echo een holle naald door de buikwand in de galwegen gebracht. De galwegen en een eventuele afsluiting worden zo op röntgenfoto's zichtbaar.
De procedure van PTC bij kanker van de galwegen omvat meestal de volgende stappen:
De keuze van het te gebruiken type cholangiografie hangt af van verschillende factoren, zoals de algemene gezondheidstoestand van de patiënt, de vermoedelijke locatie van eventuele blokkades of afwijkingen en de voorkeur van het medische team.
Pathologisch en moleculair onderzoek van het weefsel
Pathologisch onderzoek en moleculair onderzoek van een tumor zijn beide methoden om informatie te verkrijgen over een tumor, maar ze verschillen in de manier waarop ze worden uitgevoerd en de informatie die ze verschaffen.
Pathologisch onderzoek omvat het onderzoeken van de tumor onder een microscoop om te bepalen hoe de cellen eruit zien, hoe snel ze groeien, en of ze invasief zijn. Dit wordt meestal gedaan door het nemen van een biopsie of chirurgische excisie van de tumor. Het doel van pathologisch onderzoek is om de diagnose van de tumor vast te stellen en om informatie te verkrijgen over de aard en ernst van de ziekte.
Moleculair onderzoek van een tumor daarentegen onderzoekt de genetische en moleculaire eigenschappen van de tumorcellen. Dit kan helpen bij het identificeren van specifieke genetische veranderingen in de tumor die kunnen helpen bij het bepalen van de beste behandelingsopties. Moleculair onderzoek kan bijvoorbeeld helpen bij het identificeren van de aanwezigheid van bepaalde mutaties die kunnen behandeld worden met behulp van doelgerichte therapieën, of om de prognose van de ziekte te bepalen.
Over het algemeen kan moleculair onderzoek meer gedetailleerde informatie bieden over de tumor op genetisch niveau, terwijl pathologisch onderzoek meer informatie biedt over de structuur en morfologie van de tumorcellen. Beide soorten onderzoek kunnen echter van onschatbare waarde zijn voor het stellen van de diagnose en het bepalen van de beste behandelingsstrategie voor de patiënt.
Referenties:
Alles over kanker. Beschikbaar op: https://www.allesoverkanker.be/galwegkanker/onderzoeken-en-diagnose-van-galwegkanker Cancer
Research UK. https://www.cancerresearchuk.org/about-cancer/bile-duct-cancer/getting-diagnosed/tests-diagnose
www.esmo.org/content/download/266801/5310983/1/EN-Biliary-Tract-Cancer-Guide-for-Patients.pdf
Ziektestadia
Galweg- & galblaaskanker wordt gestratificeerd op basis van de grootte van de tumor, of de tumor is uitgezaaid naar de lymfeklieren en of hij is uitgezaaid naar de lever, de longen of andere delen van het lichaam. Deze informatie wordt gebruikt om de beste behandeling te bepalen. Bij galweg- & galblaaskanker wordt de stadiëring meestal gebaseerd op MRI van de galwegen en CT-scans van de borstkas.
De stadia om de omvang en de verspreiding van de kanker te bepalen worden beschreven met een reeks letters en cijfers. Voor kanker van de galwegen zijn er vier stadia met de Romeinse cijfers I tot en met IV. In het algemeen geldt: hoe lager het stadium, hoe beter de uitkomst (of prognose) voor de patiënt.
Stadium I
De kanker is beperkt tot de galwegen en is niet uitgezaaid naar nabijgelegen lymfeklieren of organen. De belangrijkste behandeling in stadium I is een operatie. Het doel van een operatie is het verwijderen van het kankerweefsel en eventuele nabijgelegen lymfeklieren die kankercellen kunnen bevatten. Na de operatie kunnen nog bijkomende (adjuvante) therapieën worden toegepast om resterende kankercellen te doden en de kans op herval te verkleinen.
Stadium II
De kanker is gegroeid en kan nabijgelegen weefsel hebben aangetast, maar is niet uitgezaaid naar nabijgelegen lymfeklieren of verre organen. De voornaamste behandeling in stadium II bestaat ook uit een operatie, maar de operatie kan uitgebreider zijn dan die voor kanker in stadium I. Tijdens de operatie kan het aangetaste deel van de galbuis worden verwijderd, evenals alle nabijgelegen organen of weefsels die door de kanker zijn aangetast. In sommige gevallen kan een leverresectie nodig zijn om een door de kanker aangetast deel van de lever te verwijderen. Na de operatie kunnen nog bijkomende therapieën worden toegepast om resterende kankercellen te doden en de kans op herhaling te verkleinen. Deze behandelingen kunnen eventueel ook vóór de operatie (neoadjuvant) worden toegepast om de tumor te laten krimpen, zodat deze gemakkelijker operatief kan worden verwijderd.
Stadium III
De kanker is uitgezaaid naar nabijgelegen organen of weefsels en kan ook naar lymfeklieren zijn uitgezaaid. De voornaamste behandelingsmogelijkheden in stadium III zijn een combinatie van chirurgie, systemische therapie en eventueel bestraling. Voor sommige mensen met kanker van de galwegen in stadium III kan een operatie nog steeds een optie zijn, maar deze kan uitgebreider zijn dan in eerdere stadia. Bij de operatie kan het aangetaste deel van de galbuis worden verwijderd, evenals alle nabijgelegen organen of weefsels die door de kanker zijn aangetast. In sommige gevallen kan ook een leverresectie nodig zijn. Indien een operatie niet meer mogelijk is door te grote verspreiding van de kanker kan er systemische therapie gegeven worden. In sommige gevallen kan bestraling worden gebruikt om symptomen zoals pijn, geelzucht of jeuk als gevolg van de kanker te verlichten.
Stadium IV
De kanker is uitgezaaid naar andere delen van het lichaam, zoals de lever, de longen of de botten. De behandelingsmogelijkheden in stadium IV bestaan uit systemische therapieën: chemotherapie, doelgerichte therapie of immuuntherapie. Deze verschillende vormen van systemische therapie kunnen worden gebruikt als behandeling om de tumorgroei onder controle te houden, de symptomen te verlichten en de levenskwaliteit te verbeteren.
Het TNM-stadiëringssysteem
Een alternatief systeem om uit te drukken in welk stadium de kanker zich bevindt is het zogenaamde TNM-stadiëringssysteem. Dit systeem houdt rekening met:
Het TNM-stadiëringssysteem geeft een gedetailleerd overzicht van hoe uitgebreid de galwegkanker is en geeft artsen een idee over de levensprognose van de patiënt. In de praktijk gebruiken artsen voor de behandelingskeuze vaak een eenvoudiger systeem dat gebaseerd is op de vraag of de kanker al dan niet met een operatie kan worden verwijderd (resectie):
Operabele kankers zijn deze waarvan de artsen denken dat ze volledig operatief kunnen worden verwijderd.
Niet-operabele kankers zijn te ver uitgezaaid of zitten op een te moeilijke plaats om volledig operatief te kunnen worden verwijderd.
Het stadium is belangrijk bij het bepalen van de juiste behandelingsaanpak voor kanker van de galwegen. In het algemeen zijn de meeste kankers in stadium I en stadium II en mogelijk sommige kankers in stadium III operabel, terwijl de meeste tumoren in stadium III en stadium IV niet-operabel zijn. Maar dit hangt ook af van andere factoren, zoals de grootte en de plaats van de kanker en of iemand gezond genoeg is voor een operatie.
De bepaling van het stadium van de kanker, o.a. met de TNM-classificatie, kan ingewikkeld zijn. Aarzel dus niet om jouw vragen te stellen aan jouw zorgteam; zij zullen jou het type en het stadium van jouw kanker uitleggen en jou ook vertellen wat de implicaties daarvan zijn.
Referenties:
Alles over kanker. Beschikbaar op: https://www.allesoverkanker.be/galwegkanker/onderzoeken-en-diagnose-van-galwegkanker
Cancer Research UK. https://www.cancerresearchuk.org/about-cancer/bile-duct-cancer/getting-diagnosed/tests-diagnose
Behandelingen
Verschillende specialisten bespreken samen hoe jouw ziekte het best kan worden behandeld. Dit gebeurt in het multidisciplinair oncologisch overleg (MOC). Voor de keuze van de behandeling houden de artsen vooral rekening met het stadium van de ziekte, de plaats van de tumor en jouw conditie. In overleg met jou bepaalt de arts vervolgens de behandeling.
De voorgestelde behandeling kan gericht zijn op:
Operatie
Chemotherapie
Radiotherapie
Doelgerichte therapie
Immuuntherapie
Biliaire drainage/ Galafvoer
Palliatieve zorg,best ondersteunendezorg en euthanasie
Klinische studies
Operatie
Een operatie of chirurgie is vaak de eerstelijnsbehandeling voor galweg- & galblaaskanker als de kanker gelokaliseerd is en volledig kan worden verwijderd. Het soort operatie hangt af van de plaats van de kanker, maar kan inhouden dat de galbuis, de galblaas of een deel van de lever geheel of gedeeltelijk wordt verwijderd.
Vraag de chirurg of de behandelend arts hoe vaak de operatie in jouw ziekenhuis wordt uitgevoerd. Het type operatie hangt af van de plaats van de kanker in de galwegen. Als de kanker zich bijvoorbeeld in de gemeenschappelijke galbuis bevindt, kan een operatie worden uitgevoerd die de Whipple-procedure wordt genoemd. Hierbij worden de kop (rechtergedeelte dat grenst aan de twaalfvingerige darm) van de alvleesklier, de twaalfvingerige darm, een deel van de maag, de gemeenschappelijke galbuis en de galblaas verwijderd. Als de kanker zich in de intrahepatische galwegen bevindt, kan een gedeeltelijke hepatectomie (leverresectie) worden uitgevoerd. Hierbij wordt een deel van de lever met het kankerweefsel verwijderd. In sommige gevallen kan voor of na de operatie chemotherapie of bestraling worden gebruikt om de tumor te laten krimpen of de resterende kankercellen te doden.
Indien de tumor in of dicht bij de lever zit, dan moet de arts een deel van de lever verwijderen. Patiënten met een goede conditie en een goed werkende lever kunnen tot 70 procent van het leverweefsel missen. Leverweefsel groeit na de operatie weer aan. Na ongeveer drie weken kan de capaciteit van de lever volledig hersteld zijn. Jouw algemene conditie en het al dan niet optreden van complicaties beïnvloeden de snelheid van het herstel. Deze operatie wordt een hemihepatectomie genoemd en is een grote ingreep. Naast de helft van de lever verwijdert de arts ook de lymfeklieren rond de galblaas en de galwegen.
Bij Klatskin-tumoren (of perihilair extrahepatisch cholangiocarcinoom) is het nodig een nieuwe verbinding te maken tussen de galwegen en de darm. Zo'n nieuwe verbinding wordt een anastomose genoemd.
De meest voorkomende bijwerkingen van een operatie:
Jouw arts zal je informeren over hij of zij bijwerkingen en jou ook zeggen met welke middelen je ze kan vermijden of tot een minimum beperken. Als je pijn hebt of symptomen vertoont, breng dan de arts zo snel mogelijk op de hoogte zodat deze jou kan helpen.
Surf voor meer informatie over oncologische chirurgie naar de website Chirurgie | Stichting tegen Kanker.
Chemotherapie
Chemotherapie maakt gebruik van één of meerdere van de vele bestaande geneesmiddelen om de kankercellen te vernietigen en te verhinderen dat ze zich vermenigvuldigen. Chemotherapie kan oraal (in tabletvorm) toegediend worden of rechtstreeks in een ader via een infuus gegeven worden. Chemotherapie wordt in het ziekenhuis toegediend in één of meerdere kuren.
Chemotherapie kan op verschillende momenten tijdens de behandeling worden toegediend, eventueel in combinatie met andere behandelingen.
De meest voorkomende bijwerkingen van chemotherapie:
De meeste van deze bijwerkingen zijn tijdelijk en verdwijnen na het einde van de behandeling. Jouw zorgteam zal je helpen om deze bijwerkingen te voorkomen of ze onder controle te houden.
Surf voor meer informatie over chemotherapie naar de website Chemotherapie | Stichting tegen Kanker.
Radiotherapie
Deze behandeling maakt gebruik van van hoogenergetische röntgenstraling om de kankercellen te doden. Radiotherapie kan alleen of in combinatie met andere behandelingen gebruikt worden. Voor galweg- & galblaaskanker wordt meestal uitwendige bestraling gebruikt. Dit betekent dat een bestralingsmachine wordt gebruikt om stralen op de kanker te richten. Radiotherapie is echter geen gebruikelijke behandeling voor kanker van de galwegen. Er kan voor radiotherapie gekozen worden indien er geen operatie kan worden gedaan of om de symptomen te bestrijden die worden veroorzaakt door de primaire tumor of de uitzaaiing van de kanker.
Radiotherapie kan alleen of in combinatie met andere behandelingen gebruikt worden:
De bijwerkingen van radiotherapie zijn deels algemeen en deels afhankelijk van de plaats die bestraald wordt. Het is belangrijk om deze symptomen aan jouw arts te melden. Jouw zorgteam kan jou adviseren en indien nodig jouw behandeling aanpassen.
Surf voor meer informatie over radiotherapie naar de website Radiotherapie | Stichting tegen Kanker.
Doelgerichte therapie
Doelgerichte therapieën (ook wel targeted therapy genoemd) remmen de vermenigvuldiging van kankercellen door abnormale eiwitten te blokkeren die gevormd worden door bepaalde mutaties (veranderingen in het DNA), terwijl gezonde cellen daarbij gespaard blijven. Eén van de gebruikte doelgerichte behandelingen bij galweg- & galblaaskanker zijn kinaseremmers.
Kinases zijn eiwitten op of nabij het oppervlak van een cel die belangrijke signalen doorgeven aan het controlecentrum van de cel. Kinaseremmers blokkeren verschillende kinase-eiwitten, die normaliter de tumorcellen helpen groeien.
De meest voorkomende bijwerkingen van doelgerichte therapie:
Je arts kan jou helpen om de meeste bijwerkingen door de doelgerichte therapieën te voorkomen of onder controle te houden. Aarzel niet om contact met jouw arts op te nemen.
Surf voor meer informatie over doelgerichte therapieën naar de website Doelgerichte behandelingen | Stichting tegen Kanker.
Immuuntherapie
Immuuntherapie is een relatief nieuwe behandelingsoptie voor galweg- & galblaaskanker. Bij immuuntherapie wordt het immuunsysteem van het lichaam gestimuleerd om kankercellen aan te vallen en te vernietigen. Terwijl de traditionele behandelingen (operatie, chemotherapie, radiotherapie etc.) zich rechtstreeks op de tumor richten, werken immuuntherapieën op een onrechtstreekse manier, namelijk door het immuunsysteem te activeren tegen de kanker.
Meer informatie over immunotherapie vind je op de website Immuuntherapie | Stichting tegen Kanker
De meest voorkomende bijwerkingen van immuuntherapie:
Neem contact op met jouw zorgteam als je deze symptomen opmerkt of als ze erger worden. Als je vlug ingrijpt, kunnen deze bijwerkingen op een correcte manier behandeld worden.
Biliaire drainage/galafvoer
Biliaire drainage is een medische procedure waarbij een blokkade of obstructie in de galwegen, de buizen die gal van de lever en galblaas naar de dunne darm brengen voor de spijsvertering, wordt verholpen. Een galwegdrainage kan nodig zijn als de galwegen om verschillende redenen verstopt zijn, bijvoorbeeld door kanker van de galwegen, galstenen, vernauwingen, tumoren of andere aandoeningen. Voor de drainage van de galwegen kunnen verschillende technieken worden gebruikt, afhankelijk van de plaats en de oorzaak van de verstopping. Enkele veel voorkomende methoden van galafvoer zijn:
Biliare drainage kan de symptomen van obstructie van de galwegen verlichten, zoals geelzucht (geel worden van de huid en de ogen), buikpijn en koorts. Het kan ook worden gedaan als palliatieve maatregel in gevallen van gevorderde kanker van de galwegen om de kwaliteit van leven te verbeteren. De specifieke aanpak en techniek voor galwegdrainage is afhankelijk van de toestand van de individuele patiënt en de deskundigheid van het behandelende zorgteam.
Palliatieve zorg, best ondersteunende zorg en euthanasie
Palliatieve zorg, best ondersteunende zorg en euthanasie zijn allemaal benaderingen van de zorg voor patiënten met een gevorderde of terminale ziekte, maar ze verschillen in hun doelen en methoden.
Klinische studies
In klinische studies worden nieuwe kankerbehandelingen of nieuwe combinaties van behandelingen onderzocht voordat ze kunnen worden goedgekeurd en op grote schaal kunnen worden toegepast. Soms is het mogelijk aan dergelijke klinische proeven deel te nemen en zo toegang te krijgen tot behandelingen die nog in ontwikkeling zijn. Dit kan echter ook potentiële risico's met zich meebrengen. Het is belangrijk om jouw keuzes af te wegen en open en eerlijk met jouw arts te praten voordat je besluit aan een klinische proef deel te nemen.
Surf voor meer informatie over klinische onderzoeken naar de website Klinische proeven en experimentele therapieën | Stichting tegen Kanker.
Referenties:
https://www.allesoverkanker.be/galwegkanker/behandeling-van-galwegkanker
https://www.cancerresearchuk.org/about-cancer/bile-duct-cancer/treatment
Review: How I trat biliary tract cancer. https://www.esmoopen.com/article/S2059-7029(21)00340-9/fulltext
Cijfers over galweg- & galblaaskanker
Galweg- & galblaaskanker is relatief zeldzaam en maakt minder dan 1% van alle kankergevallen uit. De diagnose wordt het vaakst gesteld bij mensen tussen 60 en 70 jaar en treft iets meer mannen dan vrouwen. In België worden er jaarlijks ongeveer 600 nieuwe gevallen gediagnosticeerd.